|
23-10-2006 - Hoofdstuk 2: Een vreemde wereld. Roossa zwaaide wil met haar armen in de hoop dat er iets was dat ze vast kon pakken. Maar er was niets, ze bleef vallen. Felle kleuren flitsten langs haar heen als vuur, koud vuur. Er kwam geen einde aan. Na lang vallen zag Roossa eindelijk een lichtpunt. ''Ik val te pletter'' dacht ze, ze kneep haar ogen dicht en bereidde zich voor op helse pijn. Maar die kwam niet, ze voelde alleen zacht, nat gras onder haar handen. Ze deed haar ogen open en zag waar ze was beland. Ze lag op een open plek midden in het bos, in de lente waarschijnlijk, alles was in de bloei. Voorzichtig kroop ze overeind, en keek ze rond. Wat was er allemaal in deze wondere wereld. Naast haar lag iets op de grond. Roossa draaide zich om, om beter te kijken. Ze slaakte een gil, maar dempte die zelf weer gelijk door haar hand voor haar mond te slaan. Het was een mens, het lag doodstil op de grond. Schuw porde Roossa hem, want het was een jongen. Hij deed langzaam zijn ogen open, hij greep gelijk naar zijn hoofd, waardoor Roossa meteen een stap achteruit deed. ''Auw, mijn hoofd''; hij deed zijn ogen helemaal open. ´´Waar ben ik invredesnaam!?'' Zijn ogen werden groot, en het duurde even voordat hij Roossa ontdekt had. Die stond er maar wat onhandig bij te kijken. ''Help me eens even, wil je? Mijn benen zijn net lood'' Zei de jongen en hij stak zijn hand uit. Langzaam schuifelde Roossa naar hem toe en trok hem aan zijn arm overeind. Hij klopte het vuil van zich af en keek Roossa aan. ''Waar zijn we?''; Vroeg hij uiteindelijk, na een lange stilte. Roossa, die zich nogal ongemakkelijk voelde, reageerde boos: ''Ja nou, weet ik veel, ik word hier ook maar opeens wakker!'' Net als de jongen zijn mond open doet om er tegen in te gaan, horen ze geritsel uit de bosjes. Een centaur kwam uit de bosjes, Roossa had er over gelezen. Het was een halfmens, halfpaard. Van Roossa, en van de jongen vielen de mond open. ''Ik kom jullie halen, in opdracht van onze Koning, de hooggeëerde Hagar''; zei de Centaur, hij had een lage stem. Achter hem verscheen een kleinere centaur, hij scheen nogal nerveus te zijn. Roossa en de jongen bleven geschokt staan, het bleef stil, je kon de wind horen ruisen. De grote centaur begon weer te praten. ''Het is van belang dat wij, jullie mensen, ophalen en afleveren bij de koning. Voor het voorbestaan van het rijk'' zei hij. ''Moeten we wel meegaan?'' fluisterde Roossa, tegen de jongen die ze eigelijk niet eens kende. ''Waarom niet? We hebben toch weinig te verliezen''; zei hij zelfverzekerd en stapte naar de centaurs. De grote zakte door zijn voorpoten om de jongen op zijn rug te laten klimmen. Roossa beet op haar lip en liep naar de kleinere centaur en klom ook op zijn rug. ''Houd mijn hals vast'' zei hij, met een veel hogere stem dan de grote centaur, die al was weggerend. Roossa klemde haar handen om de hals van de centaur, en dat was goed ook. Want gelijk voelde ze een ruk en ze werd zowat achterover geslingerd. Zo snel was de centaur gaan rennen. Roossa's haren wapperden achter haar hoofd. Roossa voelde even geen wantrouwen. Al het prachtige van deze andere wereld flitste aan haar voorbij. Al snel waren ze het bos uit en zagen ze hoge bergtoppen. Ondanks de hoge snelheid die de centauren nog steeds aanhielden, zag ze veel van het landschappen. Ze zag grote kudden vreemde wezens die wel wat weghadden van leeuwen, en ze zag elven langsflitsen. ''Wat is dit voor een wonderlijke wereld?'' dacht Roossa. De 2 centauren draafden ondertussen naast elkaar en Roossa zag de jongen ook om zich heen kijken. Hoe zou hij heten? vroeg Roossa zich af. ''Hoe - heet - je!!'' Brulde ze zo hard als ze kon. De jongen keek verstoord op. Roossa herhaald het nog een keer. ''JEROEN!!'' brulde hij nog harder. ''AH!'' riep Roossa terug en hier eindigde hun gesprek.
Na nog lange tijd te hebben gerend kwamen ze steeds dichter bij de bergen, waar waarschijnlijk het paleis lag, want Roossa zag steeds weer vreemde wezens. Ze had gelijk want even later zag ze een gigantisch paleis voor haar opdoemen. De centauren minderden vaart, en al snel stonden ze stil voor een gigantische poort die krakend openging..
Gepost door: veertj op 23-10-2006 om 20:58
|
|
23-10-2006 - Hoofdstuk 1: Zomaar een droom? Hijgend en badend in het zweet lag ze in haar bed, Roossa. Net wakker geworden uit een nachtmerrie, een rare draaikolk die haar opzoog, zo leek het. Ze was nog net op tijd wakker geworden, tenminste dat dacht ze, want het was nep, toch?
Naast haar wapperde haar gordijn zachtjes en er viel een kleine lichtstraal naar binnen die telkens een beetje van vorm veranderde door het gordijn. Hijgend staarde Roossa naar het plafond. Ze kon zich de draaikolk nog goed herinneren, wat niet altijd zo is bij haar dromen. Hij zoog haar op en ze kon al een eindpunt, een lichtpunt zien. En toen werd ze wakker. Nog nahijgend draaide Roossa zich naar haar klokje. Ze vloekte, het was nog maar half 2 s' nachts..
Die nacht sliep Roossa niet meer, ze was te bang om weer in slaap te vallen, bang dat de nachtmerrie weer terug zou komen. Doodmoe stond ze uiteindelijk op en ging voor de spiegel staan. Onder haar ogen zaten wallen en ze zag er onzettend slecht uit. Het was helaas woensdag, een normale schooldag, maar zo kon ze toch niet naar school? Haar moeder zou haar wel ziek melden.. Ze strompelde naar beneden en plofte overdreven neer op de bank. ''Hee, wat is met jou?'' Roossa`s moeder kwam uit de bijkeuken met haar jas half aan. ''Voel me zo ziek..'' kreunde Roossa. En wat ze al verwachtte gebeurde, haar moeder liep naar de telefoon en meldde haar ziek. ''Ik ga naar mijn werk, blijf jij maar op de bank liggen of ga naar bed, bel me als er echt iets misgaat, ik ben in de buurt, dag schat!'' riep haar moeder en gaf Roossa een kus en rendde de deur uit. Roossa bleef een beetje eenzaam achter in het grote huis. Allebei haar ouders werkten, wat veel geld betekende, maar of ze daar echt zo gelukkig mee was? Roossa maakte het zich gemakkelijk op de bank, en begon na te denken. Wat zou er gebeurd zijn als ze niet wakker zou zijn geworden..? Waar was ze dan beland? Was ze wel ergens beland, was het wel een einde, die lichtpunt? Al die vragen maakten Roossa gek en ze zette snel de tv aan voor wat afleiding. Door een saai progamma zakte Roossa langzaam weg in haar slaap. Ze draaide zich een laatste keer om en droomde weg..
Gepost door: veertj op 23-10-2006 om 20:57
|
|
23-10-2006 - Weeellkommm!! Welkom bij weblog Het Zwaard.
Hier zal ik(veertj dus) mijn verhaal posten. Nouja, blijf kijken want er komt elke keer wat bij 
Veel leesplezier,
groetjes!! 
Gepost door: veertj op 23-10-2006 om 20:56
|
|
|